De(vertaalde) toespraak van Obama

Posted on 21 januari 2009

5



Voor wie het gisteren heeft gemist of voor wie het nog eens wil nalezen hieronder de tijdloze woorden van Obama die zoveel indruk maakten.

 

De vertaalde toespraak van Obama

gepubliceerd op 20 januari 2009 20:43, bijgewerkt op 21 januari 2009 12:02

WASHINGTON – Landgenoten, ik sta hier vandaag nederig voor de grote taak die voor ons ligt, dankbaar voor het vertrouwen dat u mij gegeven heeft, en mij bewust van de grote offers die onze voorvaders gebracht hebben.

Ik dank president Bush, zowel voor de inspanning die hij voor ons land geleverd heeft, als voor de gastvrijheid en samenwerking tijdens de afgelopen overdrachtsperiode.

44 Amerikanen hebben de presidentiële eed nu afgelegd. De woorden zijn uitgesproken in stralende perioden van overvloedigheid en vrede. Maar even zo vaak is de eed afgelegd te midden van samenpakkende wolken en razende stormen. Tijdens die momenten is Amerika niet alleen doorgegaan dankzij de vaardigheden en visie van degenen aan het roer, maar bovenal doordat We the People, wij het volk, trouw zijn gebleven aan de ideeën van onze voorvaderen en aan onze Grondwet.

Zo was het toen, en zo moet het ook zijn met de huidige generatie Amerikanen.

Lees verder na de video:

Dat we middenin een crisis zitten, is algemeen bekend. Ons land bevindt zich in een oorlog tegen een uitgestrekt netwerk van geweld en haat. Onze economie is ernstig verzwakt als gevolg van hebzucht en onverantwoordelijkheid van sommigen, maar ook als gevolg van een collectief falen om harde keuzes te maken en de natie voor te bereiden op een nieuw tijdperk.

Huizen zijn verloren, banen verdwenen, bedrijven geruïneerd. Onze gezondheidszorg is te duur, onze scholen ontbreekt het aan te veel, en elke dag wordt duidelijker dat de manier waarop we energie gebruiken ons kwetsbaarder maakt en onze planeet bedreigt.

Dit zijn de indicatoren van de crisis, die zijn uit te drukken in data en statistieken. Minder goed meetbaar, maar even diep snijdt het afnemende zelfvertrouwen in ons land. Een knagende angst dat de neergang van Amerika onafwendbaar is, en dat de volgende generatie zijn ambities naar beneden moet bijstellen.

Uitdagingen
Vandaag zeg ik u dat de uitdagingen waar wij voor staan, groot zijn. Ze zijn serieus en het zijn er veel. Ze zullen niet makkelijk en snel overwonnen worden. Maar neem dit van mij aan, Amerika: We zullen ze overwinnen!

Op deze dag komen we bijeen omdat we hoop boven angst hebben verkozen, eensgezindheid boven conflict en onenigheid. Op deze dag, zijn wij gekomen om een einde te verklaren aan de bekrompen meningsverschillen en valse beloften, de beschuldigingen over en weer en de uitgewoonde dogma’s, die onze politici te lang in haar greep hebben gehouden.

We blijven een jonge natie, maar in de woorden van het heilige geschrift, is de tijd gekomen om die kinderachtigheden vaarwel te zeggen. Het is nu tijd om onze eeuwige geest te versterken, onze betere geschiedenis te kiezen; om die dierbare gift door te zetten, dat nobele idee dat wij van generatie tot generatie doorgeven: de door god gegeven belofte dat allen gelijk zijn, en allen een kans verdienen om hun geluk na te streven.

Ruig pad
In het herstellen van de grootsheid van onze natie, zijn wij ons ervan bewust dat deze grootsheid nooit een gegeven is. Onze reis is er nooit een geweest van de makkelijkste weg of genoegen nemen met minder. Het is geen weg geweest voor de faint-hearted – voor diegenen die plezier boven werk verkiezen, of enkel op zoek zijn naar de gemakken van roem en rijkdom. Het zijn de mensen geweest die risco’s durfden te nemen de doeners de makers van dingen – sommigen gevierd maar vaker mannen en vrouwen die onzichtbaar werk verrichte – die ons over het lange ruige pad richting welvaart hebben gebracht.

Voor ons hebben zij hun aardse bezittingen bijeengepakt en zijn ze de oceaan overgestoken op zoek naar ene nieuw leven. Voor ons zwoegden zij in slavenhokken en koloniseerden zij het Westen; verdroegen zij de slagen van de zweep en ploegden zij de harde grond.

Zij vochten voor ons en stierven in plaatsen als Concord and Gettysburg; Normandië en Khe Sahn. Telkens opnieuw worstelden deze mannen en vrouwen en werkten tot hun handen beurs waren. Net zolang tot zij een beter leven zouden kunnen leven. Zij zagen Amerika als groter dan een som van al onze individuele ambities; groter dan alle verschillen tussen afkomst of rijkdom of overtuiging.

Dat is de reis die we vandaag voortzetten. We blijven de meest welvarende en machtige natie op aarde. Onze arbeiders zijn niet minder productief dan toen deze crisis begon. Onze hersens zijn niet minder inventief, onze goederen en diensten niet minder nodig dan ze vorige week waren, of vorige maand of vorig jaar. Onze capaciteiten blijven onverminderd groot.

Maar de tijd van patstellingen, van  het beschermen van eigen belangen en het vooruitschuiven van onaangename beslissingen – die tijd is zonder twijfel voorbij. Vanaf vandaag, moeten we onszelf bijeenrapen, afstoffen en beginnen met de wederopbouw van Amerika.

Actie, en snel
Want op alle fronten moet er werk verzet worden. De staat van de economie vraagt om actie, groots en snel, en we zullen handelen – niet alleen om banen te creëren, maar ook om  een nieuw fundament voor groei te leggen. We zullen wegen en bruggen bouwen, en elektriciteitsnetten en digitale lijnen die ons bedrijfsleven voeden en ons bijeen houden. We zullen wetenschap zijn rechtmatige status teruggeven, and technologische wonderen gebruiken om de kwaliteit van de gezondheidszorg te verbeteren en de kosten ervan te verlagen. We zullen de energie in de zon, de wind en de grond vangen om onze auto’s te laten rijden en onze fabrieken te laten draaien. En we zullen onze scholen en universiteiten aanpassen op de behoeften van een nieuw tijdperk. Dit alles kunnen we doen. En we zullen het doen.

Sommigen plaatsen vraagtekens bij de schaal van onze ambities. Zij suggereren dat ons systeem dergelijke grootschalige plannen niet verdraagt. Die critici hebben een kort geheugen. Want zij zijn vergeten wat deze natie al heeft gedaan; wat vrije mannen en vrouwen kunnen bereiken wanneer verbeelding samengaat met een gemeenschappelijk doel, en noodzaak met moed.

Wat de cynici maar niet willen begrijpen, is dat de grond onder hun voeten verdwenen is – dat de geharnaste politieke argumenten waarmee we jaren zoet zijn gehouden, niet meer van toepassing zijn. De vraag die wij vandaag stellen, is niet of onze overheid te groot is of te klein, maar of zij haar werk goed doet – of zij families aan een baan en een fatsoenlijk inkomen helpt, betaalbare zorg, en een waardige oude dag.

Waar het antwoord ja luidt, zetten we door. Waar het antwoord nee is, zullen programma’s stoppen. En zij die de dollars van het volk beheren, moeten verantwoording afleggen. Want alleen dan kunnen wij het vertrouwen tussen een volk en zijn regering herstellen.

Onbeheersbaar
De vraag die voor ons ligt, is ook niet of de markt een goede of een slechte kracht is. Haar capaciteit om rijkdom te genereren en vrijheid uit te bouwen is ongeëvenaard, maar deze crisis heeft ons eraan herinnerd dat de markt zonder een toeziend oog, onbeheersbaar kan worden – en dat een land geen welzijn kan kennen als het alleen de welvarenden begunstigt. Het succes van onze economie is altijd afhankelijk geweest, niet alleen van de omvang van ons Bruto Binnenlands Product, maar van de reikwijdte van onze welvaart; van ons vermogen kansen te verschaffen aan een ieder die daarvoor open staat. Niet uit liefdadigheid, maar omdat dat de beste weg is naar ons algemeen belang.

Wat betreft onze gezamenlijke verdediging: de keuze tussen onze veiligheid en onze idealen, verwerpen wij als onjuist. De grondleggers van onze natie, die voor haast onvoorstelbare gevaren stonden, hebben een handvest opgesteld dat garant stond voor onze rechtsorde en rechten van de mens. Een handvest dat is uitgegroeid door het bloed van vele generaties. De wereld wordt nog steeds verlicht door die idealen, die we niet zullen offeren uit opportunisme.

En dus zeg ik tegen alle andere volkeren en regeringen die vandaag kijken, van de grootste hoofdsteden tot het kleine dorpje waar mijn vader werd geboren: weet dat Amerika een vriend is van elke natie, alle mannen, vrouwen en kinderen die op zoek zijn naar een toekomst vol vrede en waardigheid, en dat we er opnieuw klaar voor zijn om de leiding te nemen.

Tanks en granaten
Ik roep in herinnering dat eerdere generaties niet alleen tegen fascisme en communisme optraden met tanks en granaten, maar met stevige allianties en duurzame overtuigingen. Zij begrepen al dat onze kracht alleen niet genoeg is om ons te beschermen en ons niet het recht geeft te doen wat we willen. Integendeel, zij wisten dat onze kracht groeit door voorzichtig te handelen. Onze veiligheid komt voort uit een rechtvaardig doel, de kracht van onze voorbeelden, onze temperende eigenschappen van bescheidenheid en terughoudendheid.

Wij zijn de bewakers van dit erfgoed. Als we ons eens temeer laten leiden door deze principes, zijn we opgewassen tegen die nieuwe bedreigingen die een nog grotere inspanning vergen – een nog nauwere samenwerking en wederzijds begrip tussen naties. We zullen Irak op een verantwoorde wijze aan haar volk overdragen. We zullen een welverdiende vrede stichten in Afghanistan. Met oude vrienden en vijanden van weleer zullen we onvermoeibaar samenwerken om de nucleaire dreiging te verminderen en het schrikbeeld van een opwarmende planeet vervagen. We zullen ons verontschuldigen voor onze levensstijl noch aarzelen die te verdedigen. En voor degenen die hun doel proberen te bereiken door middel van terreur en het afslachten van onschuldigen: laten we nu tegen u zeggen dat wij sterker zijn en dat onze geest niet gebroken kan worden; u zult het niet langer volhouden dan wij en wij zullen u verslaan!

Want wij weten dat ons veelkleurige erfgoed een kracht inhoudt, geen zwakte. Wij zijn een natie van christenen en moslims, joden en hindoes – en ongelovigen. Wij zijn gevormd door elke taal en cultuur. Uit alle hoeken van deze aarde. En omdat we van de bittere smaak van de burgeroorlog en segregatie hebben geproefd, en sterker en meer verenigd uit dat donkere hoofdstuk naar voren zijn gekomen, kunnen we niet anders dan geloven dat de haat ooit zal verdwijnen. Dat de lijnen die de stammen scheiden spoedig zullen vervagen; dat, naarmate de wereld kleiner wordt, onze gezamenlijke menselijkheid naar boven zal komen; dat Amerika haar rol moet vervullen in het verwelkomen van een nieuw tijdperk van vrede.

Wederzijds respect
Aan de moslimwereld zeg ik dat we op zoek zijn naar een nieuwe weg voorwaarts, gebaseerd op gezamenlijke interesse en wederzijds respect. Aan die leider in de wereld die conflicten probeert te stimuleren, of het leed van zijn samenleving aan het Westen wijt: weet dat uw volk u zal beoordelen op basis van wat u opbouwt, niet wat u vernietigt. Aan diegenen die hun macht ontlenen aan corruptie en bedrog en het monddood maken van anders denkenden: weet dat u de geschiedenis niet aan uw zijde heeft, maar dat wij u een hand zullen toereiken als u bereid bent om uw vuist te openen.

Aan burgers in arme naties, zeg ik dat we met u zullen samenwerken om uw boerderijen te laten opbloeien en schoon water over uw land te laten stromen; om uitgehongerde lichamen en hongerige geesten te voeden. Aan naties zoals de onze, die een relatieve welvaart genieten, zeggen we dat we het ons niet meer kunnen veroorloven om onverschillig te zijn ten opzichte van leed buiten onze grenzen; noch kunnen we de schatten van de aarde opmaken zonder aandacht voor de gevolgen. Want de wereld is veranderd en wij zullen moeten mee veranderen.

Terwijl wij nadenken over de weg die voor ons ligt, denken we dankbaar aan die dappere Amerikanen die, terwijl ik spreek, in verre woestijnen en berggebieden patrouilleren. Zij hebben ons vandaag iets te zeggen, net zoals de helden die op de begraafplaats in Arlington liggen, door de eeuwen zullen blijven fluisteren. Wij eren hen niet alleen omdat zij de bewakers van onze vrijheid zijn, maar ook omdat zij de geest van trouw vertegenwoordigen; van bereidheid je in te zetten voor iets dat groter is dan jezelf.

Op dit moment – een moment dat een hele generatie zal bepalen – is het juist deze geest die bezit van ons allen moet nemen. Want hoeveel een regering ook kan en moet doen, uiteindelijk is het het geloof en de vastberadenheid van het Amerikaanse volk waarop deze natie steunt. Het is de gastvrijheid om een vreemdeling op te nemen wanneer de dijken doorbreken, de onbaatzuchtigheid van werknemers die liever uren inleveren dan dat een vriend zijn of haar baan verliest, die ervoor zorgt dat we ons door deze donkere tijden weten te slaan. Het is de moed van de brandweerman om een trap vol rook op te stormen, maar ook de bereidheid van een ouder om een kind te voeden, die uiteindelijk ons lot bepaalt.

Oude waarden
Onze uitdagingen mogen dan nieuw zijn; de middelen waarmee we er tegen vechten mogen dan nieuw zijn. Maar die waarden waarop ons welslagen berust – hard werken en eerlijkheid, moed en eerlijk spel, tolerantie en nieuwsgierigheid, loyaliteit en patriottisme – dat zijn oude waarden. Ze zijn de waarheid. Ze liggen aan de basis van onze hele geschiedenis. Een terugkeer naar deze waarheden is nu nodig. Wat er nu van ons vereist is, is een nieuw tijdperk van verantwoordelijkheid – een erkenning, door elke Amerikaan, dat we plichten hebben jegens onszelf, onze natie en de wereld, plichten die we niet morrend accepteren maar met plezier aanvaarden, gesterkt door de wetenschap dat er niets zo bevredigend is voor onze geest, niets zo vormend is voor ons karakter, dan ons volledig inzetten voor een moeilijke taak.

Dit is de prijs, en de belofte van burgerschap.

Dit is de oorsprong van ons vertrouwen – de wetenschap dat God ons oproept om vorm te geven aan een onzekere bestemming.

Dit is de betekenis van onze vrijheid en onze overtuiging – waarom mannen en vrouwen en kinderen van elk ras en elke overtuiging hier op de mall in Washington bijeenkomen om samen te vieren, en waarom een man, wiens vader minder dan zestig jaar geleden in een plaatselijk restaurant misschien niet zou worden bediend, nu voor u kan staan om een heilige eed af te leggen.

Laten wij daarom deze dag in ons hart opsluiten, en denken aan wie wij zijn en de lange weg die we hebben afgelegd. In het jaar dat Amerika geboren werd, in de allerkoudste maand, zit een kleine groep patriotten bijeengehurkt rond een stervend kampvuur aan de oevers van een ijzige rivier. De hoofdstad werd verlaten. De vijand was in aankomst. De sneeuw was bevlekt met bloed. Op het moment dat de uitkomst van onze revolutie het meest betwijfeld werd, gebood de vader van onze natie om deze woorden aan het volk voor te lezen: ‘Zeg het voort aan de toekomstige wereld… dat midden in de winter, toen niets dan hoop en deugd nog kon overleven… dat de stad en het land, gealarmeerd door een gezamenlijke dreiging, naar voren traden om deze het hoofd te bieden.’

Tijdloze woorden
Amerika, in het aangezicht van onze gezamenlijke bedreigingen, in deze zware winter, laten we ons deze tijdloze woorden herinneren. Laten we de ijzige stromen nog eenmaal met hoop en deugd weerstaan, en laten we de stormen die nog zullen komen het hoofd bieden. Laten we zorgen dat de kinderen van onze kinderen zullen zeggen dat we, toen we getest werden, weigerden om deze reis ten einde te laten komen, dat we niet onze rug toekeerden en weifelden; en met de ogen op de horizon en Gods gratie op ons allen, gaven we die geweldige gave die vrijheid heet, door. En leverden die veilig over aan toekomstige generaties.

Barack Obama, 20 januari, Washington

 
Posted in: Méli-Mélo